top of page

De aarde lacht groen, maar dat mag

Wist u, dat planten beter groeien, als u tegen ze praat? Dat komt omdat we ze, via de CO₂ in onze adem, voorzien van een soort geconcentreerde mest. In dit artikel komt u daar alles over te weten.

Opdat planten in leven zouden blijven en zouden groeien is een minimum aan CO₂ vereist. Die minimumgrens ligt op 150 ppm. Vergelijk het met het gewenste zuurstofpercentage in de lucht, dat wij nodig hebben om in leven te blijven. Daar heb ik het al eens over gehad.

Onder de 150 ppm komt fotosynthese namelijk in het gedrang, en het is over en uit met de plantenwereld.


Die 150 ppm wordt in onderstaande grafiek aangegeven met de rode lijn.

De groene lijn geeft het huidige niveau weer.

Dus u ziet: we kwamen behoorlijk dicht bij de kritische waarde.

U ziet trouwens ook dat we van erg hoge CO₂ waarden komen, miljoenen jaren terug.



Wat er gebeurt als de CO₂ waarden te laag zakken, hebben we al eens meegemaakt in het Laatste IJsmaximum, zo’n 20.000-22.000 jaar geleden.

Toen stonden de concentraties broeikasgassen in de atmosfeer zodanig laag, dat de bossen ineen stortten, door gebrek aan koolstofdioxide.


Naarmate het klimaat in de volgende periode opwarmde, gaven de warmer wordende oceanen CO₂ af, en brachten ze het CO₂-niveau omhoog naar 280 ppm ( pre-industrieel niveau ). Vanaf ongeveer 1850 steeg het CO₂ -niveau, door verbranding van fossiele brandstoffen, nog verder, naar het huidige niveau van ± 420 ppm.


Als we fossiele brandstoffen blijven verbranden, zoals we bezig waren, dan zal het naar schatting 200 jaar duren, voor we het punt bereiken, waarop het CO₂ niveau is verdubbeld.

Dit zou echter een onbetekenend effect hebben op de temperatuur op aarde.

Iedereen is het er immers over eens, dat het opwarmend effect van elke molecule CO₂ significant ( logaritmisch ) afneemt, naarmate de concentratie toeneemt.

Dit is een van de redenen waarom er geen sprake was van een plotselinge opwarming van de ‘broeikas’, toen de CO₂-concentraties 20 keer zo hoog waren als die van vandaag.

Omdat het de theorie van een toekomstige klimaatcatastrofe ondermijnt, wordt dit ongemakkelijke feit uiteraard zelden vernoemd, ondanks het belang ervan.


Ik moest er altijd mee lachen wanneer mensen beweerden, dat hun kamerplanten beter groeiden, door met ze te spreken. Hoe kan iemand dat geloven?

Planten hebben geen gehoor. Nochtans blijkt dat te kloppen, want in wat wij uitademen zit enorm veel CO₂ (40 000 delen per miljoen) en dat is 100 maal de hoeveelheid kooldioxide die er in de lucht zit. Wanneer je dus dicht bij je planten staat, en er tegen praat, dan geeft je adem ze letterlijk geconcentreerde mest.


Door het verbranden van fossiele brandstoffen sinds de industriële revolutie (±1850), hebben we niets meer of minder gedaan, dan CO₂ teruggeven aan de atmosfeer, waar het in de eerste plaats vandaan komt.

Je kan er ons dus moeilijk van betichten, dat we de planeet om zeep hebben geholpen, als we net, zonder het te willen, een ramp hebben voorkomen.


—————


Wat extra CO₂ betekent, voor de groei van planten, is iets wat voldoende gekend is in een sector, die daar professioneel gebruik van maakt, met name de serrecultuur.

Telers in broeikassen weten al járen, dat de verhoging van koolstofdioxide onmiddellijk effect heeft op de fotosynthese, en de groei van planten. Daarom verhoogt men het niveau ervan in serres, door gebotteld CO₂ te injecteren, of door middel van CO₂-generatoren, die aardgas of propaan omzetten naar koolstofdioxide.

Een niveau van 420 ppm is voor de meeste planten immers niet hoog genoeg om maximale groei te bereiken. Voor de meeste kasplanten ligt het optimale niveau - als we kijken naar gewas-opbrengsten en optimale economie - tussen de 800 en 1200 ppm.

Met andere woorden, planten gedijen het best op twee tot driemaal het huidige koolstofdioxide-niveau in de atmosfeer. ( BRON: Prof. Koonin in Unsettled )


Wil de plant de hulpbronnen zo efficiënt mogelijk gebruiken, dan moeten zowel het lichtniveau, als de temperatuur, én het CO₂-niveau, allemaal omhoog. Dit heeft als resultaat dat planten sneller groeien, groter worden en beter bestand zijn tegen ziekten en schadelijke insecten. Ook hun fotosynthese verloopt efficiënter, waardoor ze minder water consumeren, wat dan weer gunstig is bijvoorbeeld op momenten van watertekort.



In de grafiek hierboven ziet u duidelijk de versnelde toename van de fotosynthese naargelang het CO₂-niveau stijgt. ( In dit geval van Cannabis-planten - Quickie kent dat vast en zeker. ) De stijging is aanzienlijk tot aan het punt van 800 ppm.

Eens hierboven verloopt de toename van de fotosynthese gematigder.


Op normale niveaus is een CO₂-stijging trouwens absoluut niet gevaarlijk.

Het is een niet-ontvlambaar gas, en niet giftig bij de lage niveaus die kwekers hanteren.

Enkel in extreme concentraties ( boven de 50.000 ppm ) kan het gezondheidsrisico's opleveren, maar dit niveau is meer dan 30 keer het maximale, dat planten nuttig vinden. En aan dit niveau zitten we uiteraard nog lang niet, dat snapt u wel.


Toch zijn er tal van situaties waarin we in omstandigheden terecht komen, met sterk verhoogde CO2 concentraties, zonder dat we daar hinder van ondervinden.

Om u een idee te geven: het CO₂ gehalte in klaslokalen gaat gemakkelijk tot 1000 ppm, 2,5 keer zo hoog als de buitenlucht. Maar wees gerust: aan het tempo van het afgelopen decennium, duurt het minstens 250 jaar voor we aan dat niveau zitten.


—————


Als de aarde er beter aan toe is, waarom wil men ons dan per se doen geloven dat alles verdort, de vegetatie op aarde lijdt en we afstevenen op een woestijnlandschap over grote delen van de planeet ?

Niet alleen door klimaatopwarming, als gevolg van gestegen CO₂-niveaus, trouwens.

Ook door onverantwoorde boskap. Moeiteloos schakelt men over van de ene ramp naar het volgende probleem. Passief luisterend worden we zo gehersenspoeld.


Europees parlementslid Van Brempt walst in één goed gearticuleerde zin van “we moeten nog strenger zijn als het over ontbossing gaat” via “zoals we allemaal ondertussen weten: het klimaatprobleem is een wereldwijd probleem” naar “het klimaatprobleem gaan we alleen maar oplossen als we voldoende kunnen ademen en daarvoor zijn die bossen onontbeerlijk”. Een studie in Nature (2015) komt met gegevens waaruit blijkt, dat er dan wel 3000 miljard bomen zijn op onze planeet, maar dit is, in vergelijking met 12.000 jaar geleden, een vermindering met 46%. Uitspraken en cijfermateriaal, waar we niet eens meer bij stil staan - zo logisch lijkt het ons - en die we ook zonder meer aanvaarden.

Maar je kan je de vraag stellen: is dit allemaal wel correct? Klopt het wat men beweert?


We overlopen een aantal punten.

Om te beginnen denken veel mensen dat een bos zuurstof levert. Maar dat is niet volledig juist. Bomen en planten in een bos produceren weliswaar zuurstof – dat doen ze allemaal, maar die zuurstof wordt allemaal weer opgesoupeerd door de dieren/diertjes, bacteriën en schimmels die in het bos leven. ‘Als je een grote plastic zak om een aantal grote bossen op aarde zou doen, dan zou dat geen enkel effect hebben op de hoeveelheid zuurstof in onze atmosfeer.' ( Bron: Bas Haring in Plastic panda’s ).


Waar men quasi niet over spreekt, maar wat wél belangrijk is, is het plankton in de oceaan. Dat blijkt verantwoordelijk voor de helft van de zuurstof die wij inademen.


Ook in de al vernoemde NASA film ‘Earth from space’ ( vanaf 56’ ) legt men meer gewicht op het aandeel van het fytoplankton. ‘Dat absorbeert de rijke soep van mineralen, die komen uit de diepe oceaan. Met licht van de zon, en koolstof van de koolstofdioxide in de lucht, vermenigvuldigen ze zich met miljarden, en vormen zo tevens de basis voor de voedselketen van zeeleven.’

Volgens NASA is het plankton in de oceaan, verantwoordelijk voor de helft van de zuurstof die wij, en de meeste wezens op deze aarde, inademen. Soms vind je zelfs plankton/bosverhoudingen, van 70% op rekening van het plankton, tegenover 30% voor de bossen.


Een tweede vraag die we ons kunnen stellen is, of we het momenteel écht zoveel slechter doen, dan vroeger. Ongeveer een derde van al het land op onze planeet is bos, waarvan 93% natuurlijk en niet aangelegd.

Uit cijfers die ik vond blijkt, dat we jaarlijks ongeveer 6,5 MILJOEN hectare bos kappen in natuurlijke wouden. Dat lijkt veel, maar wordt relatief als we dit plaatsen tegenover de totale oppervlakte van 3,7 MILJARD hectare. En wat absolute cijfers betreft, hadden we vroeger een kap van 10,6 miljoen hectare per jaar, dus meer dan nu.

We doen het met andere woorden helemaal niet slechter dan vroeger.


Kunnen we daar dan in concreto iets van zien? Ja dat kunnen we. Dat onze planeet er beter aan toe is, sinds het begin van de satellietmetingen, is objectiveerbaar vanuit de ruimte. NASA-satellieten bevestigen dat onze planeet daadwerkelijk aan het vergroenen is. De voorbij 33 jaar is er een continent aan groen bijgekomen. Maar liefst 18 miljoen km2 of twee keer de oppervlakte van de VS.



Bovenstaande figuur toont de globale verdeling van "vergroening" (licht tot donkergroen) en "verbruining" (geel tot paars) van 2000-2016.

Op de kaart geven witte gebieden onvruchtbaar land, permafrost (grond die nooit helemaal ontdooit), ijs, wetlands en bebouwde gebieden weer.


Ook studies bevestigen die vergroening van onze planeet.

Uit een artikel in Nature (Chi Chen - 2019) blijkt dat het wereldwijde bladoppervlak tussen 2000-2017, is toegenomen met 5,4 miljoen km2, wat overeenkomt met het gebied van het Amazone-regenwoud.

Volgens Song e.a. (2018) is de wereldwijde boombedekking, in tegenstelling tot de heersende opvatting, tussen 1982 en 2016 met meer dan 7% toegenomen.

U merkt het, de cijfers en percentages kunnen wel verschillen, maar de trend doet dat niet.


En er is meer …

Een studie van Zhu e.a. (2016) toont aan, dat dit voor 70% te wijten is aan CO₂-bemesting door verbranding van fossiele brandstoffen (wat de fotosynthese en de efficiëntie van het watergebruik van de meeste vegetaties verhoogt), 9% aan stikstof-depositie (ook door het gebruik van fossiele brandstoffen afgeleide meststoffen), 8% door klimaatverandering en 4% door verandering in landgebruik. De eerste drie, samen verantwoordelijk voor 87% van de vergroening, hebben te maken met het gebruik van fossiele brandstoffen.


Herbebossing blijkt ook voor een deel samen te hangen met de economische vooruitgang.

In Noord Amerika en Europa is nu méér bos dan vóór de industriële revolutie.

Zo is het bosareaal in het VK meer dan verdrievoudigd sinds 1919.

Het zal niet lang meer duren of men zit er terug aan het niveau van 1000 jaar geleden.


Mensen in armoede hebben geen oog voor hun omgeving. Voor hen is overleven uiteraard de hoofdzorg. Maar naargelang de levensstandaard stijgt bekommeren mensen zich steeds meer om de leefomgeving en het milieu. Dat is wat we zien in de Aziatische landen. Vooral China en India zijn voortrekker in herbebossing en vergroening van onze planeet. Ze zijn goed voor een derde van de totale toename aan bossen, akkers en andere soorten vegetatie die sinds 2000 wereldwijd zijn waargenomen.


Maar het belangrijkste punt in dit alles is dit: Gezien de almaar toenemende populatie is die vergroening meer dan noodzakelijk om meer voedsel te genereren. Men verwacht dat de wereldbevolking tegen 2040 zal aangroeien tot negen miljard mensen. Vergelijk dit met de 800 000 bewoners op onze planeet, slechts een kleine 300 jaar geleden.

De explosieve toename van landbouwproductiviteit, deels als gevolg van meer CO₂, heeft er nu al voor gezorgd dat de planeet het voeden van acht miljard mensen aankan, dus alles wat we aan productie kunnen opdrijven is meer dan welkom.


—————


Maar er is voor onze planeet nog een bijkomend effect. Naast het doen aangroeien van de hoeveelheid beschikbare voeding, werkt de vergroening ook door op een ander gebied.

Ze heeft namelijk een natuurlijk CO₂ verlagend effect - voor zover u nog ongerust mocht zijn over het te snel stijgende CO₂ gehalte in de atmosfeer.


Bas Haring kan dan wel gelijk hebben wat bossen betreft, maar in combinatie met bv. plankton blijkt de netto opname van CO₂ in de periode van 1960-2010 duidelijk toegenomen te zijn of op zijn minst afgeremd. Dit blijkt uit een studie van Keenan et al., in Nature (2017). Per saldo blijkt de opname aan CO₂ , door de planten, groter dan de uitstoot. De studie spreekt van een gestegen opname van 2% en deze neemt nog steeds toe. Een stijging van nogmaals 2% ‘zou' de antropogene emissies volledig compenseren.


Ook verwacht men dat natuurlijke ecosystemen er grotendeels van zullen profiteren, naarmate de fotosynthese toeneemt. Dat is goed voor zowel de natuur als de landbouw.


Ook voor de biodiversiteit? Dat is mogelijk. Misschien wat kort door de bocht, maar op internet vond ik dit: ‘Als je kijkt naar de temperatuur, dan zie je dat warme gebieden over het algemeen juist een veel grotere variëteit aan soorten planten en dieren hebben dan koudere gebieden. In de tropen komen meer soorten voor dan op de toendra's. Ecologische en evolutionaire processen verlopen nu eenmaal sneller bij hogere temperaturen. Als de gemiddelde temperatuur in een streek langzaam stijgt, heeft dat dus een positieve invloed op de diversiteit in dat gebied. Soorten die minder goed tegen de kou kunnen, zullen afnemen in aantal, en mogelijk verhuizen naar voormalig koudere streken, maar een groter aantal andere soorten uit warmere streken zal zich uitbreiden.’


En wat landbouw betreft zijn de voordelen nu al zichtbaar.

In de volgende grafiek is de groei van de graanproductie en -opbrengst aangegeven ten opzichte van de groei van de wereldbevolking. Opvallend daarbij is dat de absolute hoeveelheid landbouwgrond voor deze graanproductie maar weinig is toegenomen.

De opbrengst per hectare is dus sneller gestegen dan de wereldbevolking. Door betere landbouwmethodes, maar ook door de hogere CO₂ -concentratie in de atmosfeer, is de opbrengst per hectare landbouwgrond sneller gestegen dan de wereldbevolking.



Als we er in slagen om in onze voedselbehoefte te voorzien, met minder akkerland, dan wordt land gespaard voor de rest van de natuur. Is dit geen prima vooruitzicht ?


—————


Ik rond hierbij de artikelenreeks over koolstofdioxide af. Wat kan ik besluiten ?


Ik ben het eens met Kees le Pair als hij schrijft, dat de, door ons toegevoegde hoeveelheid CO₂ niet meer is, dan een extra druppel in een halfvolle emmer. (Bron)


Ook André Bijkerk schrijft treffend: ‘De werkelijke thermische stromingen in de atmosfeer en oceaan zijn niet in overeenstemming met de broeikas, de diverse metingen zijn niet in overeenstemming met de broeikas en het geologische verleden is niet in overeenstemming met de broeikas. Variatie in opwarming van atmosfeer en oceaan kan rechtstreeks worden verklaard met direct zonlicht. We kunnen de wereld niet redden van de imaginaire boosaardige klimaatvijand.’


Niet de toename van CO₂ , maar vooral de afname van de bewolking, heeft bijgedragen aan de opwarming van de aarde. Nieuwe studies tonen aan dat de hoeveelheid CO2 in de atmosfeer per saldo geen of nauwelijks effect heeft, op de gemiddelde temperatuur op aarde. CO₂ als broeikasgas komt trouwens maar in zo’n geringe hoeveelheid voor in de atmosfeer, dat het haast een sporen-gas genoemd kan worden.

De invloed van wolken, met name lage bewolking blijkt vele malen groter.


Ik vind ook dat we dringend moeten stoppen, met CO₂ te zien als een bedreiging, maar het juist herwaarderen als bron van leven.

Meer CO₂ leidt tot een groenere wereld, die een groeiende bevolking kan voeden.

CO₂ krijgt hopelijk eerherstel, precies als dé sleutel voor een positieve toekomst.

Het is immers een onmisbare grondstof voor alle op het land, en in het water, levende flora, én de daarvan afhankelijke fauna, waaronder ook … de mens.



Luk Adang




466 weergaven6 opmerkingen

Recente blogposts

Alles weergeven

Met uw kleine steun blijft deze website online zonder reclame

Doneer een bedrag naar keuze. Met €1 euro zijn wij al enorm tevreden.

Dankjewel voor uw steun!

bottom of page